iStock-1269841536
blog 1 december 2021

Invoer van zelfbewonersplicht bij bestaande bouw

Al 130 gemeenten overwegen om vanaf januari een zogenaamde zelfbewonersplicht in te voeren voor bestaande bouw. Dat blijkt uit een enquête die de Volkskrant heeft gehouden onder Nederlandse gemeenten. Het doel van deze plicht is om vooral starters meer kansen te bieden op de woningmarkt.

In juli van dit jaar heeft de Eerste Kamer de wijziging van de Huisvestigingswet 2014 aangenomen. Deze wetwijziging maakt het voor gemeenten mogelijk om een opkoopbescherming in te voeren. Door de wetswijziging zijn gemeenten gemachtigd om wijken of delen van een stad aan te wijzen die onder deze bescherming vallen. Als een woning de status als ‘beschermende woning’ heeft gekregen, dan mag de nieuwe eigenaar na verkoop de woning voor vier jaar niet verhuren. Het verhuren mag alleen als de eigenaar in bezit is van een vergunning. Een zelfbewoningsplicht voor nieuwbouw was al mogelijk.

Als eerste gemeente van Nederland kondigde Amsterdam in november een zelfbewonersplicht aan voor de gehele stad. Vastgoedbeleggers worden hiermee gedeeltelijk geweerd van de Amsterdamse huizenmarkt. Beleggers mogen dan geen huizen meer opkopen en verhuren met een WOZ-waarde van minder dan 512.000 euro. In februari stemt de gemeenteraad over dit plan.

Ook Rotterdam wil een zelfbewonersplicht in stellen. Zo zal deze plicht in zestien Rotterdamse wijken gelden voor woningen in het lage en middensegment met een WOZ-waarde tot 355.000 euro. De plicht zal gelden voor de wijken; Bergpolder, Blijdorp, Bloemhof, Carnisse, Groot-IJsselmonde, Hillegersberg-Zuid, Hillesluis, Kralingen-Oost, Kralingen-West, Het Lage Land, Middelland, Nieuwe Westen, Oud-Charlois, Oud-Mathenesse, Rubroek en de Tarwewijk. Het verhuren van een woonruime zonder vergunning kan leiden tot een boete van 21.750,00 euro.

Er staan wel een aantal uitzonderingen in de wetswijziging. Zo mag een bestaande huurwoning, een huurwoning blijven na verkoop, maar moet deze woning wel voor minstens 6 maanden zijn verhuurd voor de verkoop. Wel mag je als eigenaar de woning verhuren aan directe familieleden. Een tijdelijke overeenkomst is ook nog toegestaan, maar alleen als de eigenaar minimaal een jaar zelf in de woning heeft gewoond. Ten slotte, mag een woning nog verhuurd worden als het object onderdeel is van een winkel,- kantoor,- of bedrijfspand.

De meningen lopen sterk uiteen of dat deze wetswijziging ook daadwerkelijk het gewenste effect gaat opleveren. Het weren van de investeerder zal er namelijk ook voor zorgen dat woningen niet meer beschikbaar zijn voor mensen die nu eenmaal zelf niet de middelen hebben om een woning te kopen. Door het ‘verkameren’ van grotere panden of het splitsen hiervan, kunnen nu mensen een woning huren die anders nergens of moeilijker terecht kunnen. Daarnaast zal het aanbod voor huurwoningen alleen maar kleiner worden en een betaalbare huurwoning dus nog schaarser.

De opkoopbeschermingswet treedt in werking per 1 januari 2022 en wordt over 4 jaar beoordeeld.